RP Logo ster 80 (VV)RP Logo ster 80 (VV)HISTORIE KORPS RIJKSPOLITIE
DISTRICT LIMBURG 
RIJKSPOLITIE IN LIMBURG


Rijkspolitie in Limburg

Vanaf 1946 kende de Rijkspolitie in Limburg twee districten. Het noorden en midden van Limburg vielen onder het district Roermond, zuidelijk Limburg behoorde tot het district Maastricht. Elk district was onderverdeeld in 'Landgroepen'. Op lokaal niveau had de Rijkspolitie bij de handhaving van de rechtsorde tot in de jaren zestig een redelijke mate van vrijheid. De samenleving was stabiel en de politiechef handelde in de praktijk vooral naar eigen goedvinden. Personeel was in de eerste naoorlogse jaren voldoende voorhanden. Op materieel gebied (kleding, huisvesting) daarentegen bestond in die eerste periode gebrek aan bijna alles. In 1968 werd de districtenindeling in Nederland gewijzigd. In Limburg werden toen, in afwijking van het beleid, twee districten gevestigd. Dit hield verband met de vrees dat de districtscommandanten anders niet meer voldoende contact zouden kunnen houden met de burgemeesters. In 1968 waren er in de provincie Limburg nog 88 gemeenten met Rijkspolitie.

In 1981 vond een gemeentelijke herindeling plaats in Zuid-Limburg, die tot gevolg had dat het zorggebied van de Rijkspolitie kleiner werd. Als 'Rijkspolitiegemeenten' waren aangewezen: Beek, Boni, Eijsden, Gulpen, Margraten, Meerssen, Nuth, Onderbanken, Schinnen, Simpelveld, Susteren, Vaals, Valkenburg, Voerendaal en Wittem. De herindeling leidde tot een reorganisatie van de landgroepen binnen het district Maastricht, waarbij het aantal landgroepen verminderde van 16 tot 9. De overgebleven landgroepen waren: Beek-Nuth, Born-Susteren, Eijsden-Margraten, Gulpen-Wittem, Meerssen, Schinnen-Onderbanken, Vaals, Valkenburg aan de Geul en Voerendaal-Simpelveld. De reorganisatie verliep niet vlekkeloos. Uit een onderzoek naar de gevolgen van de gemeentelijke herindeling voor de organisatie van de politie in Limburg bleek dat dit onder meer geweten kon worden aan "de zeer complexe, hiërarchische en bureaucratische besluitvorming binnen de rijkspolitie, waardoor een succesvolle en tijdig afgeronde voorbereiding van een reorganisatie vrijwel uitgesloten lijkt" *  .

Het district Roermond was niet veel groter dan het district Maastricht. De dienstonderdelen van dit district waren verspreid over de regio. Een deel van de staf, te weten het districtcommando, de Algemene Dienst en de Dienst Administratie was gehuisvest in Herkenbosch. De Justitiële Dienst zat in St. Odiliënberg. Het Regiobureau Voorkoming Misdrijven woonde in bij de Opleidingsschool te Horn, die later werd omgevormd tot Centrale Opleiding Mobiele Eenheden (COME). De Verkeersgroep zat in Roermond, evenals de Parketpolitie. Het hoofdkwartier van de Veldpolitie in het district bevond zich in Maasbracht. Het district kende verder nog de volgende tien landgroepen: Bergen, Echt, Gennep, Helden-Panningen, Heythuysen, Horst, Melick en Herkenbosch, Nederweert, Swalmen en Thorn. De landgroepen waren onderverdeeld in rayons en posten.

De omvang van het district Maastricht was door de herindelingoperatie zodanig geslonken, dat samenvoeging met het aangrenzende district Roermond, eveneens beperkt van omvang, door de minister noodzakelijk werd geacht *  . Vooral de ongunstige verhouding tussen leiding en ondersteunende diensten enerzijds en de landgroepen anderzijds bij handhaving van de bestaande indeling in twee districten leidde tot de wens tot samenvoeging. Ook het feit dat de land- commandanten in de loop der tijd steeds meer zelfde contacten met de burgemeesters inzake de politiezorg m de gemeenten waren gaan onderhouden, verminderde de oorspronkelijke noodzaak om in Limburg over twee politiedistricten te beschikken.

Tegen dit voornemen rees vooral bij de politievakorganisaties de nodige weerstand. De minister zette zijn voornemen echter door en per 1 januari 1986 ontstond zodoende het nieuwe district Limburg, waarvan de staf gevestigd werd in Melick-Herkenbosch, met een steunpunt in Maastricht. Centraal georganiseerde executieve onderdelen waren de Algemene Dienst, met als taken onder meer het verkeer, de surveillance en de technische ondersteuning, en de Justitiële Dienst, waaronder de 'technische' recherche viel. Daarnaast bestond de districtsorganisatie ook uit de centraal georganiseerde veldpolitie en de parketpolitie, gesplitst in twee groepen: Roermond en Maastricht. Interne ondersteuning werd geleverd door de dienst Financieel Economische Bedrijfsvoering en de Personeelsdienst. Binnen dit district functioneerden de landgroepen als basiseenheden voor de politiezorg. De groepscommandant van een landgroep fungeerde als lokale politiechef. Bij bovenlokale incidenten, bijvoorbeeld in geval van een ernstig misdrijf, of het plaats hebben van een groot evenement binnen het grondgebied van de groep, diende de groepscommandant assistentie te vragen aan de staf en de ondersteunende diensten binnen het district.

De landgroeporganisatie werd door de samenvoeging niet gewijzigd. Er bleven in het district Limburg dezelfde 19 landgroepen als voorheen in de districten Roermond en Maastricht. In 1992 zijn de groepen Gulpen-Wittem en Vaals samengevoegd tot de landgroep Krijtland. Lang heeft het district Limburg niet bestaan. Begin jaren negentig volgde een nieuwe landelijke reorganisatieronde, die tot doel had gemeente- en rijkspolitie te integreren in zogeheten regiokorpsen. Er kwam in 1991 binnen het district een aparte projectgroep om het fusieproces voor te bereiden. Op 1 april 1994 trad de nieuwe politiewet in werking. Nederland werd m 25 politieregio's opgedeeld. Binnen de provincie Limburg ontstonden twee regio's: Limburg-Noord en Limburg-Zuid *  .

Bron Archieven.nl


Naar >  Menu artikelen District Roermond
Naar >  Menu artikelen District Maastricht
Naar >  Menu artikelen District Limburg