RP Logo ster 80 (VV)AVD Logo Sticker(V) HISTORIE KORPS RIJKSPOLITIE
ALGEMENE VERKEERSDIENST RIJKSPOLITIE
 
BROCHURE REÜNIE SAS 1985


SR85 H00.01Voorblad(7V)Hoofdstuk 18. Omzien met een glimlach.

Zoals uit de inleiding bleek geven mensen hun mening over de A.V.D. in de toekomst. Velen zullen dat met ernst doen maar m.i mag één element niet ontbreken….. gein. Humor is het zout in de levenspap, is sambal in de nasi, olie in een motor en een Porsche voor de A.V.D. Dat laatste voorbeeld is wat ongelukkig gekozen dan wel is het tijdstip waarop ik het schrijf verkeerd. Zo kwam ik tot een parodistisch verhaal, een persiflage zo U wilt, over de geschiedenis van de A.V.D. zoals deze verteld zou kunnen worden rond het jaar 2000.
Ik liet mijn fantasie de vrije loop. Alleen gas geven en niet remmen. Risico van een ongelukje? Nee hoor want anderen hielpen mij bij het sturen zodat ik gevaarlijke obstakels kon ontwijken. Humor gebaseerd op of afgeleid van de waarheid geplaatst op een serieuze bodem.
Paul Meijers

Op 3 maart 1999 kijkt Karel vanuit zijn flat dertig hoog in Driebergen Oost uit over de immens grote stadwijk van zijn woonplaats. Vroeger heette dat Maarn en naar men beweert was er eens bos tussen deze plaats en Driebergen Centrum. Hij had ook nog een flatje in Driebergen West kunnen krijgen maar dat was hem te dicht bij die nieuwe kerncentrale en buiten dat was het er toen een enorme rotzooi omdat ze net het sterk verouderde verkeersknooppunt Oudenrijen hadden afgebroken. Hij keek naar het langgerekte lint beneden zich waar talloze kogelvormige voorwerpen zich geluidloos voortbewogen. Hij had gister zijn dertig-urige werkweek als programmeur bij het Interlocale Verkeers Centrum beëindigd. Geen naar werk maar wel sterk onregelmatig. Ruim voor dat de band van de dag kon gaan draaien moesten alle aanvragen om aan het verkeer te kunnen deelnemen worden ingebracht. Mijnheer X vraagt via zijn eigen
computer op de terminal aan: vertrek Den Haag om 8.00 uur; bolidenummer XXC-15473E; bestemming Arnhem Oost, gewenste aankomst 8.22 uur.
Mijnheer X met zijn bolidenummer in de computer brengen projecteren op de stralingslijn 12W-987 en zorgen dat de aftakking Arnhem Oost 120-11919CZ hem goed getimed overneemt. Mijnheer X kan dan samen met talloze anderen rustig zijn zakelijke beslommeringen doornemen dan wel nog even verder slapen, het Interlocale Verkeers Centrum bewaakt en geleid zijn verplaatsing in dit land. Karel zal deze ochtend eens besteden aan wat lezen over de geschiedenis van zijn werkkring. Hij heeft al zo vaak over vroeger horen praten dat hij er wat meer over wil weten. Nadat hij zijn huisrobot heeft ingeschakeld op warme ezelinnenmelk om 10.30 en 10.50 uur, de maaltijdkeuze 'veredeld chinees gras, D.S.M. knollen, planktonvlees en als nagerecht een carbonpapje' had aangeslagen, gaat de kunstmetale robot houterig en geluidloos aan zijn werk en neemt Karel het boek ter hand.

Hoofdstuk 356, dat moet hij lezen 'De oorsprong van het Interlocale Verkeers Centrum'. Hij ging er eens gemakkelijk bij liggen, het boek in de cassette boven hem, hand bij de knop van de zelfwerkende bladzijde-omdraaier.
'In de jaren zestig, toen iedereen nog maar plaatselijk wat aanrommelde met het verkeer, stroomden van alle kanten aanhangers van een vreemde Sekte naar Den Haag. Allen met een onblusbaar verlangen tot een hogere verkeersbeleving. Er ontstonden veel bijzondere voorvallen zodat ze de naam kregen Sekte Bijzondere Voorvallen. Het ging hun goed en vanuit Den Haag veroverden zij als snel het hele land. Ze verplaatsten zich in vreemde kleine trage voertuigen die toen nog wielen hadden. In verhouding tot de huidige electronische bolides waren ze erg hoekig van vorm. Langs de autosnelwegen van toen die ongeveer lagen op de plaats
van de huidige stralingslinten, spraken ze een ieder aan en verkondigden hun blijde boodschap vriendelijk en hulpvaardig. Hoewel zij macht tot straffen hadden deden zij dat niet, hetgeen zeer uitzonderlijk was in die tijd. 'Ik zal u niet kastijden, doch zondig niet meer. Ga heen en maak snelheid op de vluchtstrook' zo predikten zij elke dag vele malen.

Aangezien hun vestiging in Den Haag bouwvallig was, onbewoonbaar verklaard dan wel onverklaarbaar bewoond werd, zochten zij een gunstiger plaats en vonden deze in het centrum van ons land. De Sekte had inmiddels een andere naam gekregen A.V.D.. De juiste betekenis is wat in het stof der jaren blijven hangen.
Er zijn verschillende interpretaties zoals Alles Veel Doeltreffender of Alles Voor de Dienst, doch men houdt het op de mening van een vooraanstaand geleerde (die bestonden toen nog) n.l. gewoon Algemene Verkeersdienst, welke zeer koele en zakelijke benadering overigens in strijd zou zijn met hun fanatieke ideologie. Bij voortduring moesten zij strijden voor hun voortbestaan want er was felle tegenstand ontstaan tegen de uitbreiding van hun ideeën. Maar de A.V.D. overleefde ook een paar moties in de 2e kamer. Ter verduidelijking, dat is het gebouw waar nu de 182 regeringswerk-project-inspraak-stuur- en tegenspraakgroepen de adviezen uitwerken waarmee niemand iets doet. Goede zaak overigens. De mensen in die 2e kamer van toen hadden de kwalijke gedachte dat ze zinvol bezig waren. Zo kwam Rotterdam met een Brienenoordinterpellatie en Arnhem met een Planken Wambuis amendement. Maar dank zij een Donderberg-aktie werd de A. V.D. in de 2e kamer niet te Vondeling gelegd. Het spande soms zelfs zo dat tegenstanders beweerde dat de A.V.D. nog slechts twee kansen had n.1. lauw kans en geen kans. Maar zij vergisten zich deerlijk want de A.V.D. bleek Agt kansen te hebben. In de jaren zeventig werd wederom een zware aanval ondernomen die bij de slag om het Binnenhof ternauwer nood kon worden afgeslagen. Een totale ondergang werd het niet maar men beweert dat het wel het einde betekende voor de eerste generatie.

Velen kwamen deze slag niet meer te boven. Zij zaten in de Groenhoek waar de klappen vielen, ze nam de Wijk naar Duurstede of Daalden af naar het Veen. Zonderlinge mensen waren het die in hun woningen altijd een open heilig vuurtje lieten branden. Hun nazaten daar zijn in stamverband gaan leven, vrijwel geheel buiten de samenleving vanwege hun eigen, van onze norm afwijkende cultuur. Hun opperhoofd noemen zij kolonel, afgeleid van kolonie hetgeen betekent 'volksplanting buiten eigen gebied'.
Een vreemde cultuur want zo bestaat b.v. hun kalender uit twee werkdagen, twee zondagen, twee werkdagen, twee zondagen enz. Ze hebben hun eigen volkslied getiteld 'Integratie', een eigen vlag zwart-wit en de lijfspreuk' Alles is onzeker, dat is zeker'.
SR85 H18.83f(7V)Ze hebben sterk te lijden gehad van klappen van der Molen, een sterke Zeestroming, Helsedingen terwijl ze bezig waren een Sjoordiaanse knoop te ontWarrinken. Ze werden gewoon niet de Wijs terwijl ze moeite hadden de Wijs te houden. In een verzorgingsbungalow leeft nog kras voor zijn leeftijd hun voorganger. Hij is nog zeer aktief en als er feest is mag hij alles versieren want dat kon hij vroeger zo goed.
Karel sloeg het boek dicht want de robot zoemde zijn maaltijdgeluid en diende op. Lekkere dag vandaag. Vanmiddag surfen want de vereniging had windkracht 6 aangevraagd en teletekst verscheen met de mededeling dat aan dat verzoek was voldaan: 'Nulde: nucleair geforceerde luchtverplaatsing 6'.
En dan vanavond die t.v. visite met een van de oudste van een van die A.V.D. stammen. Opa Diro werd de oude man genoemd en hij was een van de laatst overgeblevenen van de eerste generatie.
Om acht uur die avond schakelde Karel opa Diro's code in en diens beeld verscheen groot op het scherm, net als Karel op z'n gemak gezeten robot bij de hand voor de kleine wensen.
De kleine camera in Karel's kamer bracht zijn beeld en geluid evenzo bij opa. Vreemd, peinsde Karel, vroeger reisden mensen hele afstanden om elkaar te ontmoeten.
'Goeienavond' groetten zij elkaar en wederzijds bleek alles nog goed te zijn.
Zo, jij wilde eens praten over die goeie ouwe tijd' was opa goed op de hoogte.
'Ja opa Diro……… mag ik toch wel zeggen hè?' Opa knikte 'Ik werk nu bij de dienst die uit die A.V.D. is ontstaan en ik wil daar wel eens iets meer van weten. Vanmorgen heb ik een deel daarover gelezen.' 'Nou jong, brandt maar los, wat wil je weten' .
Omdat op het werk van Karel rangen en standen onbekend waren en iedereen een gelijk salaris had: 'Jullie kenden vroeger iets wat ze rangen noemen, hoe zat dat?' opende Karel het interview. Opa glimlachte: 'Tja ik weet dat het nu héél anders is. Iedereen zijn eigen kleine werkdeel, geen bazen, geen opdrachten, nooit meer vergaderen en lekker ruzie maken. Wat een saaie boel.
Maar goed, in onze tijd waren de jonge kerels wachtmeester, die waren het wachten niet meester. Als dat een beetje beter ging werden ze eerste klas. Dan had je opperwachtmeester ook wel bloemkool genoemd naar een soort groente die ze toen nog aten. Dan adjudant bijgenaamd stip. In de begintijd werd je pas opper als je opa was, maar na een epidemie 'bevorderitus' werden ze dat al als ze nog geen kinderen hadden.' En terwijl de robot iets in schonk: 'Er was wel een groot verschil met nu' stelde Karel vast. 'Och manneke toch' en opa hief zijn armen ten hemel: 'In het begin mochten we reizen in diensttijd. Ging goed tot ze alles eigentijds gingen doen. Eerst hadden ze geen verbaliseringsbeleid maar wel een goeie naam.
Later wel een verbaliseringsbeleid maar de goeie naam alleen nog maar op de borst.' Opa nipte met een vies gezicht aan zijn berkenbastsap. 'Dus dat ging verkeerd' begreep Karel 'wat deden ze daaraan?' Opa kwam weer op toeren: 'Ze namen een maatschappelijk werker aan. Beetje moeilijk voor jou want die bestaan nu niet meer, maar laat ik het zo verklaren, dat was een wetenschapper die problemen ging bestrijden die er niet waren op zo'n ingewikkelde manier dat ze vanzelf ontstonden. En toen brak in de jaren zeventig dan ook die bevorderitus epidemie uit.'
'Wat was dat voor een kwaal opa?' wilde Karel weten.
'Moeilijk te omschrijven' dacht opa even na 'Het was net andersom als in een aquarium. Als die vissen stip krijgen worden ze ziek maar bij de A.V.D. werden ze ziek als ze geen stip kregen'. 'Nou heb ik vanmorgen gelezen over jullie voorganger, baas of chef noemden jullie dan toen ook wel. Wat deed die er aan?' was een begrijpelijke vraag van Karel. 'Nou die deed erg veel. Zo las hij eens in de krant dat de minister van C.R.M.'. 'C.R.M. wat is dat' onderbrak
Karel want hij wilde bijblijven' Uh    zo iets als Culturele Rommel Markt geloof ik. Maar goed die man stelde toen een miljoen beschikbaar voor betere relaties. Goed idee dacht onze baas, doe ik wat mee en hij stelde geld, diensttijd en ruimte beschikbaar voor een betere gemeenschap binnen de A.V.D. Dat werd
verkeerd begrepen en daaruit zijn later de z.g. tweeverdieners ontstaan. Hij haalde er ook een specialist bij genaamd O. en E. Liep ook verkeerd af want dat bleek Overbodig en Eigenwijs te zijn. Hadden we niks an want we hadden al een eigen Wijs.' De robot schonk nog eens in en opa draaide een stickie.' Tja Karel, een slechte gewoonte dat weet ik.
Maar dat heb ik op latere leeftijd van mijn kinderen geleerd en nou raak ik er moeilijk vanaf. Goed dat jullie generatie dat niet meer doet.' En na een trek tot aan zijn navel: 'Wat die baas van ons al niet deed. Hij liet zelfs een single maken. Een koor van de staf zong Vogelgeluiden op de Wijs van Leeuweriken met tekst van HaaringHUZ in A grote terts. Dat werd een flop want ze konden de e niet halen. Ze hebben het nog eens geprobeerd met Schakeleffecten uit de 2e kamer en dankzij prachtige storingen verzorgd door de meldkamer werd die wel goed verkocht. De opbrengst kreeg minister van Agt want die wilde zo graag een nieuw Fonteyntje hebben'. Opa deed nog een haal en werd zichtbaar een beetje high, dat kon wat worden. 'En nota's en rapporten dat ze maakten. Zo herinner ik me nog een rapport van
de S.W.O.V…………,ho maar, zal ikje uitleggen, dat betekende Stichting Weet Ons Veel. Nou die schreven in 1975 letterlijk.' In 1974 hadden we 2360 verkeersdoden.
In hoofdstuk 4 zullen we nader ingaan op dit verheugende verschijnsel. 'En maar nota's schrijven. Bij de miljoenste nota werd een feest gegeven. Even denken, waar ging die nota ook alweer over. 0 ja, zuinig zijn met papier.'
Karel moest er om lachen en toetste de robot in op tomatensap. 'Tja vreemd, in jullie tijd waren er nog verkeersslachtoffers.' Hij liet opa even met rust en vervolgde: 'Nou heb ik een mooie flat als vrijgezel, ik woon vorstelijk en voor niks maar er was in die tijd nog al wat te doen rond die vrijgezellen'.
'Man praat me er niet van' brieste opa 'Ze moesten maar zien die vrijgezellen. Een tijd lang mochten ze niet eens op de A.V.D. slapen. Is nog een liedje op gemaakt' Een vrijgezel die kan niet slapen'. Kwam natuurlijk ook een nota van: 'Wij vinden vrijgezellen ook normale mensen doch de ongehuwde die de nacht in de kinderboerderij heeft doorgebracht verzoeken we dringens de dieren 's ochtends goed schoon te maken.'
Opa geeuwde, de hasj ging zijn werk doen. Karel keek ongerust naar opa die wat sloom begon te praten. Hij vreesde dat opa in slaap zou vallen en hij wilde nog veel meer weten. Terwijl opa even niet oplette brak hij met zijn huiscomputer in bij de robot van opa die goed reageerde en een peppil in diens glas deed. 'Hoe zat het nou met dat hek dat ze daar eens hebben gebouwd?' bracht Karel het gesprek weer op gang. 'Ja, dat kan jij je moeilijk voorstellen hè, een hek om je werk. Maar goed, voordat het bij ons op een gevangenis ging lijken kon je je nog vrij over het hele terrein bewegen. Kon je bijvoorbeeld nog rechtstreeks van gebouw C naar gebouw A lopen. Dat was zoiets als C & A, maar niet voordeliger. Er kwam ook een uitspraak van de rechter dat de verkeerswetgeving op ons terrein niet van toepassing was. Wam, alweer een nota: 'Degene die nu denkt dat men straffeloos iemand dood kan rijden verwijzen wij naar de ranglijst.' Met genoegen zag Karel dat de peppil ging werken. Opa werd weer goed wakker en kreeg blosjes op de wangen. 'In die tijd' herinnerde opa zich 'wilden ze ook nog een verdieping op gebouwemaken. Dit op verzoek van mensen die hierin nog hun enige kans zagen hogerop te komen'.
'Hoe is het verder met dat hek afgelopen'? vroeg Karel.
'Is een onderzoek naar ingesteld' en wat stemdempend 'ze kwamen er achter dat de tegenstanders van de A.V.D. die hadden laten bouwen om die A.V.D. op te sluiten. Een rel man, maar dat wilden ze liever geheim houden. Is toch bekend geworden en een volksdichter uit die tijd heeft daar nog een spotrijm op gemaakt.

SR85 H18.87f(7V)De A.V.D. heeft nu een bekje
bestaande uit een mooi hekje
hebben anderen laten bouwen
om die A.V.D.ers binnen te houwen
met een hekwerk houd je de A.V.D. in toom
geholpen door de mannen van Hoogeboom
maar ze kunnen de A.V.D. niet bedriegen
want vogeltjes kunnen immers vliegen'

Karel grijnsde erom: 'Grappen en liedjes waren er ook wel' 'Nou en of' reageerde opa 'er is een tijdje nog een ander soort A.V.D. geweest, de Adjudanten Vereniging Donderberg, en ze beweerden dat die vergaderingen altijd staande besloten werden met het lied 'Op een grote stille van der Heide dwaalt een de Ruiter eenzaam rond'
Opa moest even op adem komen en met het beeld van een fles jonge voor zijn glinsterende oogjes liet hij zich een glas brandnetelwijn inschenken.
'Mot je horen jà. Komen mensen van Rijkswaterstaat in gebouw A met het voorstel om verkeerslichten te plaatsen bij de uitgang. Vroegen die staffers verbaasd waarom. Nou zeiden ze als we langs komen horen we jullie zo vaak roepen 'we komen er niet meer uit', vandaar. Wat een effect dat had, ze hadden gelijk de lichten al, ze werden rood van schaamte via geheel overgaand in groen van ellende.'
Opa Diro genoot van het brandnetelwijntje dat prikkelend op de tong lag. 'Nu werken we de hele dag met alles wat we doen met computers' merkte Karel op 'hoe is dat eigenlijk begonnen?'
'Man hou toch op' werd opa een beetje kwaad 'ze gingen alles met nummers doen, we werden gewoon weggecijferd, maakten we ook een liedje op.

'computertje, computertje, glimmend stalen ding
je prestaties wekken alom bewondering
computertje, toch een beetje jammer want
je schuift stiekumweg menselijkheid aan de kant
tel jij tot honderdduizend, ben ik pas bij één tel
maar 's mensen lief en leed begrijpen, kan je dat wel?
computertje, die het bovenmenselijk denken tart
één ding kunnen ze je niet geven...een hart.'

Ze waren er even stil van. 'Ik heb wel eens gehoord dat er' vóór de computer iets anders was' had Karel de klok horen luiden. '0 ja, wist opa nog goed 'héél vroeger schreven we alles gewoon op en wilden we wat weten dan zochten we dat op.
Kostte een boekje, een pen en een beetje tijd. Moest allemaal veel sneller, onderzoek D.I.C.O. erbij... ho maar ik weet wat je wilt vragen, D.I.C.O. betekende zoiets als Dit Is Comisch Ouwenelen. Maar goed, kwamen ze met de A.M.A. hetgeen zeggen wil Als Maar Automatiseren. Voor dat je een vraag stelde had je al antwoord.
Later zochten ze dan uit welk antwoord bij welke vraag hoorde Flauwekul, alles stopten ze in dat apparaat, mensen, auto's. Werd niks. Als je wilde weten wie surveilleerde toen en toen daar en daar, kreeg je als antwoord 'was in de reparatie want z'n vloeistofreservoir lekte'. Moet je daar nou mee?'
Ze keken beiden op de klok en opa zei: 'Het is al laat jochie en ik moet nog afwikkelen'. 'Afwikkelen, wat bedoelt u daarmee?' wilde Karel nog weten.
'Och jong laat maar' deed opa een beetje vermoeid' er zijn gewoonten van vroeger die je niet meer afleert. Welterusten.'
'Bedankt opa Diro, slaap wel'.


De robot van Karel kwam met zijn pyama aan en begrijpend dat zijn werk die dag gedaan was, nestelde hij zich in zijn vochtvrije kast.
Op de grens van waken en slapen mijmerde Karel nog even dat hij alweer tien jaar bij deze baas was, ze moesten maar eens een reünie organiseren, hij had wel eens gehoord dat dit erg leuk kon zijn.


Naar menu > Brochure SAS reünie 1985